Monday, 25 March 2019

Een duistere familieband ofwel hoe Maria haar T verloor

For the English version of this text, please click here.

Het begin
Stel je eens voor, je bent een meisje van goed 14 jaar, het is 1880, je bent zwanger, je komt uit het verre Ned. Indië in Amsterdam aan, je komt in huis bij volslagen onbekenden en je schenkt het leven aan een zoon! Dat overkwam Maria Johanna Francisca Schulze, de bet-overgrootmoeder van onze kleinzoon Tobias Hendrik.
Tot voor kort was het volslagen onduidelijk wie zij was, waar ze vandaan kwam en waar ze na de bevalling naar toe is gegaan. Vanwege al deze vragen en onduidelijkheden, heb ik eerder op dit blog over haar geschreven. Gelukkig worden die verhalen door anderen gelezen. Eén van die anderen was een dame uit Z. die met een waardevolle tip kwam waardoor een aantal onduidelijkheden opgehelderd kon worden. Maar laten we terug gaan in de tijd en de gebeurtenissen in chronologische volgorde zetten.

  1. Op 28 juli 1825 wordt in Twello (Gld) ene Karel Frederik Schultze (met een t) geboren. Hij is de zoon van Johan Hendrik George Schultze, een provinciaal veearts, en zijn tweede vrouw Anna Maria Geertrudis Homann. Karel Frederik is de oudste zoon en de op één na jongste van zes kinderen uit dit huwelijk.
  2. Zo'n 15 jaar later komt op 5 mei 1840 in Deventer Hendrika Scheeffer ter wereld. Haar moeder is een halfzuster van de hiervoor onder 1. genoemde Karel Frederik. Haar naam is Catharina Josephina Schultze, kind uit het eerste huwelijk van haar vader Johan Hendrik George. Hendrika Scheeffer trouwt in 1877 met de door de wol geverfde - het is zijn derde huwelijk - Amsterdammer Gerrit Box. Zij gaat met hem in de hoofdstad wonen, in de Marnixstraat 100.
  3. Weer 15 jaar later vinden we de inmiddels bijna 30-jarige Karel Frederik Schultze (KFS) als 1e luitenant van het Oost Indisch Leger aan de westkust van Sumatra. Het is 23 mei 1855. Hij wordt overgeplaatst naar het 11e bataljon.  Bijna 3 jaar later gaat hij naar het garnizoens-bataljon gelegerd te Palembang. We schrijven 28 januari 1858, KFS is inmiddels bevorderd tot kapitein.
  4. Op 28 november 1860 is KFS nog steeds in Palembang, bij het garnizoens-bataljon.
  5. Volgens diverse bronnen wordt op 1 oktober 1865 in Palembang een meisje geboren. Zij heet Maria Johanna Francisca Schultze (MJFS). Haar ouders worden nergens genoemd.
  6. Wonend in Padang, gelegen aan de westkust van Sumatra, koopt KFS op 30 oktober 1867 het buiten Jagtrust in Boxtel (NB).
  7. Op 1 februari 1870 overlijdt in Banjermassin Meinard Simon du Pui, majoor bij de artillerie o.a. op Sumatra. Hij laat zeker drie meisjes achter (zie 17), waarschijnlijk kinderen die hij kreeg bij Fatima Arabia Manggoer/Mangoor. Te oordelen aan de naam, was dit een inlandse vrouw, een njai.
  8. In september 1870 wordt in Banjermassin (Borneo) een jongetje te vondeling gelegd. Er wordt geschat dat hij ca. 6 maanden oud is. Hij heeft/krijgt de naam Goesti Amat. Niet alle bronnen zijn het over zijn geboortedatum/-jaar eens. Wanneer Goesti in 1882 arriveert in het jongenspensionaat St. Louis in Roermond, noteert men dat hij op 6 oktober 1872 geboren is, een geboorteplaats ontbreekt.
  9. Uit een briefwisseling met het Ned. Indische Rode Kruis, blijkt dat luitenant-kolonel KFS rond 8 januari 1871 militair commandant te Banjermassin was.
  10. Op 23 mei 1876 wordt de dan in Batavia woonachtige KFS bevorderd tot generaal-majoor.
  11. De inboedel van zijn huis aan het Waterlooplein wordt 'wegens vertrek' op 31 juli 1876 geveild. Tot de boedel behoren o.a. een kinderwagentje en een goed gedresseerd kinderrijpaard.
  12. Op 5 augustus 1876 vertrekt KFS met enig ceremonieel aan boord van de ss Koning Willem III naar of Soerabaja of Semarang om daar het commando van de 2e militaire afdeeling op Java over te nemen.
  13. KFS is, zij het laat, aanwezig in Semarang bij de inscheping van het 5e bataljon op 6 juli 1878. Drie maanden later gaat KFS met pensioen.
  14. Op 28 juni 1879 komt de generaal, vergezeld door "1 kind" , uit Semarang met de ss Sindoro aan in Batavia. 
  15. Drie maanden later, op 23 september, vertrekt KFS, dit keer vergezeld door "kinderen", met het Engelse ss Hampton naar Nederland.
  16. Op of rond 20 november 1879 laat KFS zich inschrijven in het bevolkingsregister van Boxtel (NB). Hij staat daar te boek als broer van de hoofdbewoner/-ingeschrevene, zijn zuster Amalia. Ook wordt ingeschreven Maria Johanna Francisca Schultze (MJFS) komend uit Batavia. Zij wordt vermeld als zijnde het nichtje van hoofdbewoner Amalia.
  17. Op die 20e november worden ook nog ingeschreven Goesti Amat, dit keer geboren in 1873 maar wel in Banjermassin, en drie zusjes Dupui allen komend van Batavia. Die zusjes zijn Marie Frederique (13-4-1863), Louise (8-9-1864) en Marguerite (21-8-1869), allemaal ook in Banjermassin geboren.
  18. Een half jaar later, op 4 april 1880, wordt in Amsterdam Frans Schulze (zonder t) geboren. Op de inschrijving in de burgerlijke stand staat Maria Johanna Francisca Schulze (ook zonder t) als moeder genoemd. Er staat bij dat zij in Semarang woont. Als plaats van geboorte wordt genoemd de Marnixstraat 100. De aangifte wordt gedaan door Dr. Maurits Meijers die niet ver daar vandaan op de Marnixkade woont.
  19. De hoofdbewoner van het huis in de Marnixstraat is Gerrit Box die daar met zijn (3e) vrouw, Hendrika Scheeffer, woont. Zij beschouwen Frans, die, getuige een foto, duidelijk (ook) Indisch bloed heeft, als hun pleegzoon. Als zodanig staat hij ook in het Amsterdamse bevolkingsregister vermeld.
  20. Drie dagen na de geboorte van Frans gaan de drie zusjes Dupui van Boxtel naar Uden. Ze worden ingeschreven in de kostschool van de zusters Ursulinen die daar ook een klooster hebben.
  21. In juni 1880 wordt MJFS (met een t) ingeschreven in het pensionaat voor jonge juffrouwen van de Zusters Franciscanessen in Heijthuizen (L). Ze is nog geen 15 jaar oud.
  22. Op of rond 13 oktober 1881 wordt MJFS weer ingeschreven in het bevolkingsregister van Boxtel, nu als nichtje van KFS, de hoofdbewoner (waarschijnlijk van het buiten Jagtrust). Ook Goesti Amat en het oudste meisje Dupui, terug uit Uden, worden hier genoemd. De laatste vertrekt op 24 april 1886 naar Weltevreden/Batavia.
  23. Goesti Amat wordt ingeschreven in het jongenspensionaat St. Louis in Roermond.
  24. KFS overlijdt op 11 december 1885 in Boxtel. In de memorie van successie, opgemaakt om zijn nalatenschap te waarderen, wordt geld gereserveerd om de opvoedingskosten over 1885 voor zowel Goesti Amat als MJFS te betalen. Zowel Goesti als MFJS wordt in de memorie "des erflaters pupil" genoemd.
  25. Tijdens de begrafenis op 15 december wordt deelneming betuigd aan o.m. de wezen, kinderen van een strijdmakker die KFS uit Indië mee heeft gebracht.
  26. Goesti Amat vertrekt op 17 april 1886 uit het pensionaat in Roermond.
  27. Op 28 september 1887 vertrekt MJFS na 7 jaar uit Heijthuizen en gaat naar Rotterdam. Zij gaat daar als winkeljuffrouw aan de slag in de corsettenwinkel van de dames M. & V. de Bièvre in de Hoogstraat 305.
  28. Ruim 2 jaar later, op 30 november 1889, wordt MJFS ambtshalve uitgeschreven uit het Rotterdamse alleenstaandenregister. Op diezelfde dag vertrekt de ss Zuid Holland van Rotterdam naar Batavia.
  29. Goesti Amat trouwt op 18 mei 1903 in Maastricht. Hij heeft er wel een paar voornamen bijgekregen: Frederik Ludwig Maria Goesti. Hij heeft het inmiddels tot sergeant-majoor geschopt. Een aantal jaren later is hij boekhouder.
  30. Hendrika Scheeffer, de pleegmoeder van Frans Schulze (zonder t), overlijdt op 10 augustus 1904 in Bussum. De rouwadvertentie tekent hij met "F. Schultze", met een t dus.
  31. In de memorie van successie, opgemaakt door de Amsterdamse notaris Schultz (sic), ter waardering van de nalatenschap van Hendrika Scheeffer en opgemaakt door haar pleegzoon Frans Schulze, voegt deze Frans aan zijn naam toe "... Schulze (zich schrijvende Schultze), wonende ..." Frans is de enig erfgenaam.
  32. Frans overlijdt op 9 oktober 1952 in Amsterdam. Hij vindt zijn laatste rustplaats in het graf van zijn pleegmoeder op de Algemene Begraafplaats in Bussum.
Frans Schulze (4-4-1880/9-10-1952)
Kleinzoon en ...
Karel Frederik Schultze (28-7-1825/11-12-1885)
... grootvader?? 





















Een hypothese gestoeld op feiten
Toen ik mij voor het eerst - in genealogisch opzicht - op de voorouders van mijn schoondochter stortte, stootte ik al gauw op de ongehuwde moeder Maria Johanna Francisca Schulze. Hoewel ik me er al bijna bij had neergelegd dat dit wel weer zo'n brick wall zou blijken te zijn, zo'n zoektocht in een doodlopende steeg, bleef zij mij toch bezighouden. Alleen al het gegeven dat in archieven noch over haar herkomst, noch over haar bestemming na de bevalling iets te vinden was, was voldoende aanleiding om me toch met onregelmatige tussenpozen met Maria bezig te houden.
In de familie was niets bekend over enige familierelatie tussen Maria en het Amsterdamse echtpaar waar zij haar kind ter wereld had gebracht (zie alinea 18 & 19 hierboven). Het echtpaar zag het kind als pleegkind (19) en ook na hun overlijden wordt in het testament niets over een familierelatie gezegd.
Maar in de familie was wel bekend dat Maria's zoon Frans de enige erfgenaam was van de nalatenschap van zijn pleegouders én dat hij begraven was in het graf van zijn pleegmoeder (32). Met name dat laatste gegeven was toch wel opmerkelijk en suggereert meer dan alleen maar een mooie  band tussen pleegmoeder en pleegzoon. Vanwege die laatste omstandigheid, heb ik toen besloten om de familie van de pleegouders aan een genealogisch onderzoek te onderwerpen.
Die pleegouders zijn Gerrit Box en Hendrika Scheeffer. Met de voorouders van Gerrit was ik gauw klaar, binnen die familie Box was geen enkel aanknopingspunt te vinden. Niets dat op enige binding met Maria duidde.
Bij Hendrika vond ik al gauw iets dat hoop gaf. De moeder van Hendrika bleek een Schultze te zijn (2). Weliswaar in tegenstelling tot Maria's naam Schulze, met een t maar toch. Na een hele genealogie Schultze opgezet te hebben bleek o.a. dat een zus van Hendrika de voornamen Maria Francisca had. Dat was hoopgevend maar het bracht me niet verder. Ook het nagaan of Maria misschien een kind was van een ander mannelijk familielid van Hendrika, bracht geen verdere aanwijzing van een familieband.

Een welkome e-mail
Op een gegeven moment ontving ik een e-mail van de eerder genoemde dame uit Z. Zij had mijn blogs over Maria gelezen, was geïntrigeerd geraakt en gaan zoeken in twee richtingen. Ik had al gevonden dat Maria op een bepaald moment (21) naar Heijthuizen was gegaan maar kon daarover niets meer vinden. Deze dame wel! Nu was bekend hoe lang Maria daar geweest was. Mevr. M.L., de dame uit Z., haakte ook aan op het Indische aspect. Immers, bij de geboorte van Frans had Maria op de geboorteakte laten vermelden dat zij woonachtig was in "Samarang" zoals het huidige Semarang op Java toen genoemd werd (18). Bekend was al dat Maria in 1865 geboren zou zijn in Palembang op Sumatra (5). Mevr. M.L. ontdekte dat ene Karel Frederik Schultze zich rond die tijd als militair ook in die omgeving ophield (3 & 4). Karel Frederik was mij wel bekend maar, omdat hij niet getrouwd was, was hij voor mij afgevallen als iets te maken hebbend met Maria. Mevr. M.L. wees er ook op dat het in Indië voor blanke Europeanen niet ongebruikelijk was er een inlandse concubine op na te houden, de zogenoemde njai. Soms werd er getrouwd, om de uit die relatie voort-komende kinderen enige status te geven, maar vaak ook niet.

Omdat er later ook sprake van was dat Karel Frederik zich bekommerde om ontheemde kinderen (8 en 17), was er alle aanleiding om zijn militaire carrière wat verder te volgen.
In 1871 blijkt Karel Frederik in Banjermassin te zijn als militair commandant (9). Kort daarvoor wordt daar Goesti Amat gevonden (8) en overlijdt de vader van de meisjes Dupui (7). Allemaal, inclusief Maria, duiken zij jaren later op in Boxtel (NB) (16 & 17).

Na Banjermassin wordt KFS kennelijk overgeplaatst naar Batavia want in 1876 wordt hij daar bevorderd tot generaal-majoor (10). Eveneens in 1876 krijgt hij een nieuwe positie, waarschijnlijk in Semarang. De inboedel van zijn huis aan het Waterlooplein in Batavia wordt geveild. Daaronder, hoewel je dat bij de ongetrouwde generaal niet zou verwachten, zaken die duidelijk op kinderen gericht zijn (11). In juli 1878 is KFS zeker in Semarang, de plaats waar Maria in 1880 zegt woonachtig te zijn, en drie maanden later gaat hij met pensioen (13). Het jaar daarop komt hij uit Semarang in Batavia aan in het gezelschap van "1 kind" (14). Op 23 september 1879 vertrekt hij met "kinderen" per schip naar Nederland (15).

Na aankomst in Nederland laat KFS zich in Boxtel inschrijven, samen met Maria, de meisjes Dupui en Goesti Amat (16 & 17). Eerst is dat op het adres van zijn zuster Amalia, later in het tijdens zijn verblijf in Indië gekochte buiten Jagtrust, ook in Boxtel. Al die tijd staat Maria te boek als "nicht", eerst van Amalia, daarna van Karel Frederik. Ondanks haar inschrijving in Boxtel, brengt zij 7 jaar door in een internaat in Heijthuizen (21 & 27). Het staat vast dat de kosten van tenminste een deel van die periode worden betaald door KFS (24). Na Heijthuizen gaat Maria als winkeljuffrouw aan de slag in een Rotterdamse corsettenwinkel (27) en na ruim twee jaar wordt zij ambtshalve uit het Rotterdamse alleenstaandenregister uitgeschreven. Het is 30 november 1889. Kennelijk is zij al eerder verdwenen en noteert de Rotterdamse ambtenaar een voldongen feit. Toeval of niet, op diezelfde datum vertrekt er een schip uit de Rotterdamse haven naar Indië (28). Onder de passagiers is geen Maria te bekennen. Maar als zij, als een goed opgevoede jongedame van 24 jaar van Nederlands/Indische komaf, als bv. kinderjuffrouw aan boord is geweest, dan zal zij naar het gebruik van die dagen, niet expliciet genoemd zijn. In ieder geval ontbreekt van haar na die 30e november elk spoor zowel in Nederland als in Indië. Hebt u verdere aanwijzingen? Ik houd mij aanbevolen, mijn e-mailadres is patmiebies at gmail dot com.

Omdat Maria de achternaam Schultze heeft en van haar wordt gezegd dat zij een nichtje is van een zus en broer Schultze, mogen we wel een familierelatie veronderstellen. Maar wie haar vader is blijft onduidelijk. Eigenlijk is de enige persoon die daarvoor in aanmerking komt, de generaal zelf. Hij zou dan in Palembang een relatie gehad moeten hebben met een Indische vrouw. Daardoor zou Maria gemengd Nederlands/Indisch bloed gehad kunnen hebben. Het uiterlijk van haar zoon Frans wijst daarop. De andere optie is dat de generaal Maria's zoon Frans heeft verwekt. Gezien het uiterlijk van Frans moet ook in  dat geval Maria stevige Indische wortels hebben gehad . Maar dan is het minder logisch dat zij de achternaam Schultze draagt. Gezien de bemoeienissen van KFS met ook andere hulpbehoevende (half-)wezen, lijkt de eerste optie de meest waarschijnlijke.
Blijft wel de vraag wie de verwekker is van de in Amsterdam geboren Frans. "Technisch gezien" is hij verwekt rond 4 juli 1879. Op dat moment was Maria net uit Semarang in Batavia aangekomen op weg naar Nederland (14). Eveneens technisch gezien zou de generaal de vader kunnen zijn. Maria was op dat moment 13 jaar! Ik houd dat ook daarom voor minder waarschijnlijk. Ten eerste lijkt het sociale gedrag van KFS m.b.t. kinderen daar geen aanleiding toe te geven en ten tweede zou hij zijn zoon dan geheel buiten zijn gezichtsveld in Amsterdam hebben laten opgroeien. Daar is misschien wel wat voor te zeggen maar dan zou van die relatie binnen de familie wel iets bekend zijn geweest. De enige aanwijzing in die richting zou kunnen zijn dat Frans zich bij een paar gelegenheden ook wel met de naam Schultze tooide. Maar dat kan ook een hommage aan zijn moeder geweest zijn (30 & 31).
Vooralsnog blijft dus onduidelijk wie de vader van Amsterdamse Frans is. Alleen DNA-onderzoek kan hier nog helderheid brengen*.

De verloren t
Temidden van alle onduidelijkheden kunnen we één ding wel met zekerheid vaststellen. Dat is de datum waarop de "t" uit de naam Schultze is verdwenen. Immers, op 6 april 1880, de dag dat de arts die de bevalling heeft begeleid, aangifte van de geboorte van Frans doet (18), vertelt hij de ambtenaar de naam van de moeder. Fonetisch gezien is het verschil in uitspraak tussen "Schultze" en "Schulze" minimaal. Dus dat de docter het één heeft gezegd en de ambtenaar het ander heeft gehoord en opgeschreven, is niet zo verwonderlijk. Maar op dat moment is de "t" verloren gegaan en sindsdien moeten alle nakomelingen van Frans het zonder doen.

Tot slot mijn dank aan mevr. M.L. te Z. voor haar waardevolle bijdragen aan de ontrafeling van dit verhaal!


*Daartoe moeten de Y-chromosomen van een mannelijke nakomeling van Frans en van een Schultze worden vergeleken.

Foto K.F. Schultze: https://rkd.nl/nl/explore/images/169393
Foto F. Schulze: privé collectie

Sunday, 24 March 2019

The disappeared ancestor and the lost T

Voor de Nederlandse versie van dit blog, klik hier.

The beginning
Just suppose, you are a 14 year old girl, you are pregnant, it is 1880, you arrive in Amsterdam from the Dutch East Indies, you find yourself in the house of complete strangers and there, you deliver a son! That is what happened to Maria Johanna Francisca Schulze, the great-great-grandmother of our grandson Tobias Hendrik.
Until recently it was completely unclear as to who she was, where she came from and where she went to after delivering her baby. I wrote about all this earlier.
Fortunately I am not the only one reading these texts, others do as well. A lady sent me a valuable hint which helped me very much clarifying a number of uncertainties. After having set all the known facts in chronological order, the following picture emerges.

Looking for clues
Ever since the early 17th century until just after WW2 the East Indies have been a Dutch colony. And no colony without military presence. One of them was Karel Frederik Schultze who served there in various positions during the second part of the 19th century. He was a commanding officer in southern en western Sumatra (a.o. Palembang), in southern Borneo (Banjermassin) and on Java in capital Batavia and in Semarang. Ultimately he became a major general.
All  this, including the existence of the major general, was unknown to me when I delved into the ancestors of our grandson Tobias. By the time I got to his 4th great grandmother I ran into what appeared to be a brick wall. Her name was Maria Johanna Francisca Schulze (written without a t before the z). In short the problem with her was that neither did I know where she came from nor where she went to after the delivery. I did know that she delivered a child called Frans. This event took place in Amsterdam in the house of what seemed to be complete strangers. The calender reads April 4, 1880. On the birth certificate of Frans it says that his mother lives in Semarang. No father is mentioned so Frans bears the last name of his mother: Schulze.
Frans stayed behind in Amsterdam and was brought up by the couple in whose house he was born. Their names are Gerrit Box and Hendrika Scheeffer. The Amsterdam population register shows Frans as their foster son. So there seemed to be no family relationship. All I was able to find was that at one point Maria went to Heijthuizen, a small village in the southern part of the country. And almost 7 years later she pops up in Rotterdam as a shop assistant. There, in the singles archive, I found she was born in Palembang on October 1, 1865. In 1889 she disappears from the radar.
Desperate for clues as to her origin I first started investigating the Box-Scheeffer family. The Box-side did not provide anything useful but the Scheeffers produced something that I initially considered a coincidence. And that something was that Hendrika Scheeffers mother was part of a Schultze (with a t) family. However, Schultze and Schulze is close but not the same. Still I looked further into the Schultze family for a good reason. Earlier research turned up proof that on two occasions Frans Schulze, Maria's son, called himself Schultze… Another peculiarity was that when Frans died in 1952, he was buried in the grave of his foster mother. All this was food for thought and sufficient reason to suspect that there must be a family tie somewhere. But nowhere did I find a connection. I couldn't find a male Schultze who had a daughter named Maria Johanna Francisca.

A tip of the veil in an email
One of the advantages of blogging is that other people (hopefully) read it. And sometimes these other people react and make helpful remarks. One day a lady emailed me that one Karel Frederik Schultze was a military man living in the Dutch East Indies, in particular in Palembang.
When I looked into the Schultze family earlier I also found this Karel Frederik. But since he was unmarried, I ignored him. I was also unaware of his presence in the Dutch colony. So when I received the ladies message I decided to concentrate on his stay in the East Indies. I soon found out that when Maria was born in Palembang on October 1, 1865, Karel Frederik was there as well. He was also in Banjermassin on Borneo in 1870 when a foundling was taken care of there. Earlier that year army major Meinard Simon Dupui died in the same city leaving behind three little girls.
According to newspaper articles the major general retired and subsequently travelled from Semarang to Batavia in 1879. He was accompanied by "1 child". Later that year he boarded the English steamer Hampton from Batavia to Rotterdam. The passenger list shows that there were "children" (plural) in his party.
All these children including Maria later show up in the population register of Boxtel, a community in the southern part of the Netherlands where the major general bought himself a manor. The only difference with the Amsterdam birth certificate is that here her last name is written as Schultze, not Schulze.
When the general dies in december 1885, a speaker at his burial praises him for taking care of orphans whom he took with him from the East Indies. In the tax return drawn up by a notary public after his death, money is set aside to pay for the education of both Maria and foundling Goesti Amat.
In the Boxtel register mentioned above, Maria is mentioned as the niece of Karel Frederik. (Please note that the Dutch word for niece is nicht also meaning cousin.) 
So no doubt there is a family relationship between the two. The question is what that relationship exactly was.

A hypothesis based on facts
Since I couldn't find any male Schultze who could fulfill the role of Maria's father, the only option is that unmarried Karel Frederik is her daddy.
Is that possible or even likely? In those days it was an accepted practice for unmarried Dutchmen living in the East Indies, to live with a native woman, a socalled njai. Children from these relationships obviously had mixed blood and were called Indo's, even today. In a number of cases these couples got married but not always.
My assumption is that the major general was involved in such a relationship which resulted in the child Maria Johanna Francisca. To give her a certain social status he gave her his name. Whether he did that already there in the colony or upon arrival here, I don't know. There may have been social conventions here that forced the unmarried general to call Maria his niece. Following this supposition means that Karel Frederik is the grandfather of Amsterdam born Frans, a boy with obvious Indian traits. In this hypothesis the father of Frans remains unknown.
Another possibility is that Karel Frederik is Frans' father. It is possible but in my view not very likely. Because of all the other orphans he has taken care of, I do not feel he is the person to abuse a 13 year old girl. The fact that Frans grew up in Amsterdam, and not in Boxtel, also somewhat contradicts Frans being his son, certainly if his name should be Schultze. He might have called him his little cousin and had him live near him. In any case nothing is known about this in the Schulze family and no doubt would there have been stories about Frans being the child of a general…

Frans Schulze
Amsterdam, 4-4-1880/Bussum 10-14-1952
Grandson and ...
Karel Frederik Schultze
Twello, 7-28-1825/Boxtel, 12-11-1885
... grandfather??






















The lost t
Amidst all uncertainties, one thing is clear. And that is the date on which the "t" disappeared from surname Schultze.
On April 6, 1880, Maurits Meijers, the MD who helped Maria with the delivery of Frans in Amsterdam, informs the civil servant in the cities town hall about the name of the mother. Phonetically both Schultze and Schulze are almost the same. So the doctor may have said one thing, the civil servant understood what he wrote down. And that is when the "t" got lost. Ever since Frans and his offspring will have to do without. Such is life.

In conclusion I like to express my appreciation to Mrs. M.L. in Z. for her valuable contribution in the unraveling of this story!

Photo credits:
F. Schulze: private collection

Monday, 21 January 2019

The last home page

Having recorded all the houses I lived in a few years ago, it is about time that I do the same for my wife and complete the number of posts on this subject.
Although she likes to see herself as a Loosduinen native, the truth is that she, like me, was born in The Hague. It is likely that her place of birth was caused by the fact that the Netherlands was suffering under German occupation. During WW2 about 8000 houses in The Hague have been demolished to allow for the construction of the Atlantikwall, the German line of defense against an invasion of British and allied troops. So when people married, there was no guarantee that there was a house available for the newly weds. That was also the case when my parents in law got married in 1942. My wife's father was the eldest son of a family with 14 (!) children, the last one being born in that very same year 1942. It will be no surprise that there was no space left in that house to accommodate another family in the making.
Although the parents of my mother-in-law did not live in spacious circumstances either, there apparently was some space left there for the happy couple to live in. It was smack in the middle of the working-class district called Transvaal.

Kockstraat, The Hague
My parents-in-law got married on Oct. 28, 1942 and ten months later, on Aug. 29, 1943 their daughter Adriana came to life. They lived in the 4th portico on the 2nd floor, number 81. Eight months after this event the now family of three moved to nearby 11 Kritzingerstraat where they had a home all to themselves. It was May 4, 1944.

Kritzingerstraat, The Hague
The house was on the 1st floor near the lamppost on the right hand side of the street. At the time my father-in-law was a laborer in the rubber factory Vredestein in Loosduinen. Their main product was tyres. He also worked as a stoker in the horticulture where mainly tomatoes were grown. Although the distance to his work was not very significant, a couple of miles, having a house in Loosduinen was preferable. But they had to wait until a couple of months after the war to get a house there. On Sept. 29, 1945 they moved to 37 Evertsenstraat*. The house is beyond the lamppost on the left.

Evertsenstraat, Loosduinen
Here my wife spent her youth with her grandparents and most of their 14 children living very nearby on number 33.

Festivities in the Evertsenstraat approx. 1947
During the post-war years often there were festivities in the Evertsenstraat and the streets adjacent thereto. The above picture shows "front runners" (f.l.t.r.) Riet Orie, Sonja Orie (both aunts of my wife), Adriana Orie en Corrie Duijvestein, a girl living next door.
The last house Adriana, better known today as Jeanne, lived in before she married, was also situated in Loosduinen, in the street formerly known as Kijkduinsestraat. Today this is the Pisuissestraat named after a well known singer and comedian who was murdered in Amsterdam in 1927.

Pisuissestraat, Loosduinen
Around July/August 1963 the family moved into a newly built apartment building. Number 88 was theirs. It is on the first floor to the very right. From her bedroom Jeanne could see where her fiancé lived in the next block. And from there on (1965) they happily lived together.

* Today the name is Stadstuinen

Photo credits:
Festivities: private collection
All others: http://www.haagsebeeldbank.nl/

Tuesday, 8 January 2019

Soldaat van Onstwedde

Willem Simon Venema
Vliegkamp Valkenburg is sinds oktober 2010 het toneel van de musical Soldaat van Oranje, een geromantiseerd oorlogsverhaal met een voor de hoofdpersoon happy end. Zo mooi is het daar in een wat verder verleden niet iedereen vergaan.
In de aanloop naar de 2e wereldoorlog werd, op papier althans, regeringszetel Den Haag door drie militaire vliegvelden beschermd: Ypenburg, Ockenburg en Valkenburg. Daarvan was Ypenburg veruit het best geoutilleerde veld en Valkenburg het minst. Valkenburg was aan het begin van de oorlog nog niet eens "af". Het had de kroon moeten worden op een eind jaren '30 gestart werkgelegenheidsproject. Ook het Amsterdamsche Bosch was zo ontstaan maar daar hoefden geen vliegtuigen te landen. Op Valkenburg was dat wel de bedoeling maar bij het uitbreken van de oorlog op 10 mei was dat nog niet mogelijk. Hoewel, landen kon wel maar de grond was nog zo drassig dat opstijgen niet goed mogelijk was, zoals de Duitsers tot hun schade hebben ervaren. Maar voordat ze die ervaring rijk waren, was Valkenburg deel van de Duitse plannen om Den Haag, lees Koningin en regering, zo spoedig mogelijk onder de voet te lopen. Ook in de Nederlandse plannen moest Valkenburg verdedigd worden. Daarom waren er rond het vliegveld, o.m. in de dorpen Katwijk, Noordwijk en Valkenburg, militairen gelegerd.

Geadresseerd aan H. Venema, Kockstraat 81, Den Haag
Tijdens de mobilisatie, eind augustus 1939, werden zo'n duizend Groningse dienstplichtigen als infanterist ingekwartierd in het Noord-Hollandse Bergen aan Zee. Ze behoorden toen tot het 12e Depotbataljon (in opleiding). Onder hen een 19-jarige achterneef van mijn schoonmoeder Trijntje Sibbeltje Venema. Zijn naam was Willem Simon Venema, geboren op 18 april 1920 in Onstwedde. Op 10 november 1939 schrijft hij een kaart aan Homme Venema, zijn achteroom en de vader van mijn schoonmoeder. Homme is dan al uit Groningen naar Den Haag vertrokken, daar was tenminste werk. Willem schrijft dat hij deel is van de 1e depotcompagnie van het Ie depotbataljon van het IIIe depotregiment (?) Infanterie. In militair jargon zou dat dan 1-I-3 R.I. geweest kunnen zijn.
Willem schrijft:
Beste familie,
Ik ben onder dienst, en
lig in het plaatsje
Bergen (N.H.) dus
niet zoo heel ver meer 
van U af en doe U
hierbij de hartelijke
groeten van mij Stadskanaal
en mij.
Ie Depot Bataljon
Ie Depot Compagnie
IIIe Depot Infanterie
Veldpost

De toevoeging 'Veldpost' maakte het mogelijk deze kaart zonder postzegel te versturen. De voorzijde van de kaart maakt duidelijk dat we hier met een soort legerpropaganda te maken hebben. Het gebruik van het woord 'Weermacht' doet wel wat Germaans aan.


Op zeker moment voor de Duitse inval op 10 mei 1940, zijn de inmiddels opgeleide (?) dienstplichtigen uit Bergen via Haarlem overgebracht naar Noordwijk. Daar maken zij deel uit van het 9e regiment infanterie. Willem en tenminste nog vier Groningers worden deel van 1-I-9 R.I.
Op 12 mei was de situatie zo dat een sterke Duitse strijdmacht na de herovering van het vliegveld in het dorp Valkenburg was ingesloten. Na zware gevechten kregen twee compagniën van I-9 R.I. opdracht om Valkenburg aan te vallen. Eén vanuit Katwijk a/d Rijn, de ander vanuit weilanden ten westen van Valkenburg. Bij deze gevechten is Willem om het leven gekomen. Kort daarna heeft hij zijn eerste rustplaats gevonden in een graf aan de Cantineweg in Katwijk a/d Rijn. Naast Willem zijn vermoedelijk bij de zelfde aanval ook de Groningers sergt. Couperus (Wonseradeel), korp. Fennema (Dantumadeel) en de soldaten Gankema (Appingedam) en Koning (Hoogezand) gesneuveld.


Pas tien dagen na zijn overlijden, wordt de familie hierover in kennis gesteld. Katwijk aan Zee als plaats van overlijden, berust waarschijnlijk op een misverstand. Maar hemelsbreed is Katwijk a/d Rijn niet ver weg. Op 9 augustus 1940 wordt de overlijdensakte in zijn geboorteplaats Onstwedde opgemaakt.

Akte van overlijden d.d. 9-8-1940
Willem's naam staat ook genoemd op de Erelijst van Gevallenen 1940-1945.


Willem is herbegraven op de Gemeentelijke Begraafplaats aan de Brugstraat in Stadskanaal. Daar ligt hij naast zijn vader en moeder die daar in resp. 1963 en 1983 begraven zijn. Zijn jongste zusje Kiny verzorgt nog steeds zijn graf en voorziet ook de graven van twee Canadezen van de R.C.A.F., sergt. G.E.C. Coldron (22) en flt. sergt. R. Grabek (21), van bloemen.

Graves of R.C.A.F. crew members


Bronnen:
Bergense Kroniek, nov. 2007
http://www.mei1940.nl
E.H. Brongers De slag om de Residentie 1940
https://oorlogsgravenstichting.nl/
http://www.oorlogsgravendenhaag.com
https://www.wiewaswie.nl/
Privé collectie (foto en ansichtkaart)
Foto oorlogsgraven R.C.A.F.: https://www.online-begraafplaatsen.nl/

Tuesday, 4 December 2018

Still looking for Maria Johanna Francisca Schulze

Voor de Nederlandse tekst s.v.p. naar beneden scrollen.
Maria Johanna Francisca Schulze (without t) is the 4th great grandmother of our grandson Tobias. I wrote about her twice already. To cut a long story short, the main reasons for these blogs are first the circumstance that Maria disappeared after delivering her son Frans Schulze in Amsterdam on April 4, 1880. Reason number two is that I suspected a family relationship between Maria and her son on the one hand and the foster parents of Frans on the other.
The people that show up in the Amsterdam population registers as Frans' foster parents are the very same as the people where Maria moved in when she arrived in Holland. On Frans' birth certificate it says that she lived in Semarang in the Dutch East Indies. After giving birth to her son, Maria seems to have disappeared.

During further investigation I found a Maria Johanna Francisca Schultze (with a t) in Rotterdam. She had ties with the Dutch East Indies as well; it was recorded that she was born in Palembang on Sumatra on Oct. 1, 1865. That would make her a very young mother. If this is our Maria, then that would be food for the thought that she was forced to go (back?) to Holland so that she could have her child of out of sight of Indian prying eyes.
The Rotterdam Maria arrived there coming from a place called Heithuijsen in the Dutch province of Limburg. But there no further trace was found. After staying in Rotterdam from Oct. 5, 1887 until Nov. 30, 1889, she left again to an unknown destination.

To find out the presumed family relationship between Frans and his foster parents I looked up the ancestors of the latter couple. Their names are Gerrit Box and Hendrika Scheeffer. You'll find their ancestors in the earlier mentioned blogs. There are a few hopeful things in the Scheeffer family tree.
It turns out that the family name of Hendrika's mother is Schultze! And there are two ladies in the tree named Maria Francisca whereas the grandfather of Hendrika is named Johan. Also a number of family members lived in the Dutch East Indies.
All these facts indicated to me that family ties between foster mother Hendrika and foster son Frans were still possible. However, no trace of Maria here.
For my purpose the Box ancestors were not interesting at all.

The villa in Bussum that Frans inherited
(Source: Google)
Since I knew that Frans inherited Hendrika's impressive villa and that he was buried in Hendrika's grave (!), I decided to have a look at Hendrika's post mortem tax return and her last will.
I made a transcription of the tax return but it is in Dutch... In case you want to see it, it is in the Dutch section below. The picture below is the photographic reproduction of the first part of the return as it is archived in the regional archive North Holland.

First part of the tax return of the Hendrika Scheeffer legacy
(with my thanks to Hans L. for making this image legible)
The tax return was made up by foster son Frans Schulze. After his name he adds "(also written as Schultze)". Why he stipulates this remains unclear.
He also mentions that Hendrika passed away without leaving behind first degree relatives.
It becomes clear that Hendrika died as a reasonably well-to-do woman. The return shows a taxable inheritance of f 33.763 which today would be a value of close to € 420.000 (or over US$ 470,000).
To add to the confusion about surnames Schulze and Schultze, Frans says there is a last will drawn up a notary public named Schultz... For the time being I regard this as a coincidence.
However, the last will may shed some light on a possible family relationship.
Initially I thought I could find this will in Hendrika's place of residence Bussum. But since she made use of the services of an Amsterdam notary, that was the place to look for same. And indeed, the Amsterdam City Archive could make it available to me. Obviously this document is also in Dutch and shown hereafter. You'll find the transcription in the Dutch section.


Last will of Hendrika Scheeffer dated June 5, 1903

Also Hendrika's will does not suggest any family ties between herself and Frans. To the contrary, he is explicitly called 'foster son'.
So neither the tax return nor the will produces any clues as to the origin of Maria Johanna Francisca and her son Frans. For the time being their past remains in the dark and the quest continues.

De Nederlandse tekst begint hier
Maria Johanna Francisca Schulze (zonder t) is de oudgrootmoeder van onze kleinzoon Tobias. Ik heb in het verleden al twee blogs aan haar gewijd. Om een lang verhaal kort te maken, deze blogs gingen over het gegeven dat Maria van de aardbodem verdwenen lijkt te zijn nadat zij haar zoon Frans op 4 april 1880 in Amsterdam op de wereld zette. Ook over het vermoeden dat er mogelijk een familierelatie is tussen Maria en Frans aan de ene kant en de pleegouders van Frans aan de andere kant.
Het echtpaar dat in het Amsterdamse bevolkingsregister te boek staat als zijn pleegouders, zijn de zelfde mensen als die waarbij Maria introk toen zij vanuit Semarang in Ned. Indië in Nederland arriveerde. Daarna lijkt Maria verdwenen te zijn.

Tijdens mijn onderzoek vond ik wel een Maria Johanna Francisca Schultze (met een t) in Rotterdam. Ook zij heeft banden met Ned. Indië; ze zegt geboren te zijn op 1 oktober 1865 in Palembang op Sumatra. Als zij "mijn" Maria is, dan zou ze een wel erg jonge moeder zijn maar onmogelijk is het niet. Maar misschien was dat wel juist een reden om haar naar Holland te sturen. Een ongewenste zwangerschap van misschien een Indische man was toentertijd in Europese koloniale kringen bepaald geen geaccepteerd iets.
De Rotterdamse Maria arriveert in de Maasstad komend uit het Limburgse Heithuijsen. Daar bevinden zich in die tijd wel twee tehuizen voor meisjes maar daar is verder niets over te vinden. Nadat ze van 5 okt. 1887 tot 30 nov. 1889 in Rotterdam heeft verbleven, wordt ze ambtshalve uitgeschreven naar een onbekende bestemming. 

Om te zien of er enige verwantschap is tussen Frans en zijn pleegouders, heb ik gezocht naar de voorouders van het echtpaar. Hun namen zijn Gerrit Box en Hendrika Scheeffer. Bij de voorouders van Gerrit heb ik niets van interesse gevonden. Bij die van Hendrika wel. Haar voorouders staan in de eerder genoemde blogs. Het eerste dat opvalt is dat de familienaam van de moeder van Hendrika is Schultze (met een t)! Ook Maria's voornamen komen daar voor. Er is een Maria Francisca en een grootvader van Hendrika heet Johan. Daarnaast zijn er nogal wat familieleden met een geschiedenis in Ned. Indië. Familiebanden tussen Frans en Hendrika zouden er dus nog steeds kunnen zijn maar van Maria zelf geen spoor.

Omdat mij bekend is dat Frans een indrukwekkende villa aan de Gooilaan in Bussum van Hendrika heeft geërfd én dat hij begraven is in hetzelfde graf waar Hendrika rust, leek het mij goed om de Memorie van Aangifte van Hendrika's nalatenschap in te zien. Misschien dat daarin een aanwijzing zou staan voor de veronderstelde familierelatie. Deze memorie dient als grondslag voor te betalen successierechten. Hieronder een afbeelding van het begin van de memorie en verderop de transcriptie van het geheel.

Eerste deel van belastingaangifte van de nalatenschap van Hendrika Scheeffer
(met dank aan Hans L. voor het leesbaar maken van deze microfiche foto)
De aangifte is gedaan door pleegzoon Frans Schulze. Na zijn achternaam voegt hij toe: (zich schrijvende Schultze)! Waarom hij dit zo opschrijft is niet duidelijk.
Hij verklaart ook dat Hendrika geen bloedverwanten in de rechte lijn heeft. Tevens wordt duidelijk dat Hendrika een redelijk gefortuneerde vrouw is geweest. De grondslag voor deze belasting bedraagt f 33.763. Vandaag zou dat tegen de € 420.000 zijn.
Om de verwarring rond de namen Schulze en Schultze nog iets groter te maken, zegt Frans nog dat er een testament is opgemaakt door de Amsterdamse notaris B.H. Schultz... Maar dat zal wel toeval zijn.
Hieronder de transcriptie van de Memorie van Aangifte.

reg IV 6/3597             Memorie van Aangifte
                                    der nalatenschap van
Vergeleken                 Mej. └Hendrika Scheeffer,
met                              wede vd heer Gerrit Box,
                                    overleden te Bussum, aan
                                    de Gooilaan no. 4, den
                                    10 Augustus 1904.
└ volgens reg IV
Hendrina
                                         -------------
Ondergetekende Frans Schulze (zich schrijvende
Schultze), wonende te Bussum, Gooilaan 4,
domicilie kiezende ten sterfhuize van na te noemen
overledene

verklaart
· dat op 10 Augustus 1904, te Bussum, Gooilaan 4,
hare laatste woonplaats, is overleden:
Mej. Hendrika Scheeffer, weduwe van den
Heer Gerrit Box.
· dat de erflaatster is overleden zonder achterlating
van bloedverwanten in de rechte linie, na bij testament
dd. 5 Juni 1903 voor nots B.H. Schultz alhier verleden, te
hebben gelegateerd: aan de wettige kinderen van wijlen haar
broeder Adolf Stanislaus Scheeffer en bij vooroverlijden
van een of meer hunner de wettige afstammelingen van [...]
bij plaatsvervulling, en die ontbrekende de langstlevende
voor het geheel, te zamen de som van f 10.000.- (tien duizend
gulden), terwijl zij bij hetzelfde testament heeft benoemd
onder den last tot uitkeering van voorschreven legaat
tot haren eenigen erfgenaam, hem [?] aangever, niet met de
erflaatster verwant. Gemeld legaat is gemeld vrij van rechten en lasten [?]
· dat genoemde Heer Adolf Stanislaus Scheeffer geen
andere kinderen heeft gehad dan: Jeanne, Henri en Karel
Scheeffer, wonende te Blitar (N.O. Indië) welke alle drie kinderen [?]
van het overlijden der erflaatster in leven waren.
· dat de erflaatster tot hare wettelijke erfgenamen [........]
hebben nagelaten: haren broeder Hein Scheeffer te Deventer [...]
en de drie genoemde kinderen van haren vooroverleden broeder
Adolf Stanislaus Scheeffer, [vo.........voor 1/3 ok] elk voor 1/6
· dat de nalatenschap der erflaatster ten dage van
haar overlijden bestond uit:
Actief
· Lichamelijk roerend goed, door den aangever ten
dage van het overlijden geschat op                                       f 1500.-
· vier huizen en erven te Amsterdam
aan de Marnixstraat no. 207, 209, 211 en
213, kadastraal aldaar bekend in sectie L
no. 1642, 1643, 1644 en 1645 ter gezamen-
lijke grootte van 3.66 Aren.
· twee huizen en erven te Bussum aan
de Gooilaan no. 4 en 4a, kadastraal
aldaar bekend in sectie A no. 6138 ter
grootte van 5.04 Aren.
welk onroerend goed door den aan-
gever naar de verkoopwaarde ten
dage van het overlijden wordt ge-
schat op                                                                                 f 51500.-
· Een hypothecaire vordering
ten laste Hendrik Karel Scheeffer
te 's Gravenhage, groot                                                          f 1500.-
rentende een Juni en een December
4½%, blijkens acte 3 Decr 1897 voor nots
H.J. Neve te 's Gravenhage verleden,
met renten sedert 1 Juni 1904                                               f 13,12
· Eene onderhandsche vordering, ten laste de
echtelieden P. van Dijk en J.S. van Dijk-Fonel [?]
te Amsterdam, groot nominaal twee honderd
gulden, ten gevolge van mindere gegoedheid
van debiteuren, door den aangever geschat op                     nihil
Loopende rente ad 5%, wordt alsvoor                                  nihil
· Eene [?] vordering op de spaarbank voor de
stad Amsterdam, ten name van de over-
ledene, groot                                                                          f 500.-
met rente sedert 1 Januari 1904 ad 2,64%                            f 8,0?
contanten                                                                               [......]
totaal actief                                                                            [......]

Passief
· Aan den Heer J.J. Helleganger te Amsterdam
wegens op 30 Decr 1887 geleende gelden eene
som van                                                                                 f 10000.-
blijkens acte van schuldbekentenis met
hypotheekstelling 30 Decr 1887 voor
nots J.G. Pouw jr te Amsterdam verleden
rente 4½%, verschijndagen 1 Januari
en 1 Juli.
· Aan den Heer D. Held te Amsterdam
wegens op 30 Decr 1887 geleende gelden
eene som van, oorspronkelijk groot
f 12000.-, thans per resto bedragende
rente 4½% verschijndagen 28 Juni
en 28 December,
blijkens acte van schuldbekentenis
met hypotheekstelling 30 December
1887 voor genoemden notaris
Pouw verleden.
· Aan Mevrouw Katrijna Elisabeth
Petronella Mieremet, weduwe
van de Heer D. Held, te Amsterdam,
wegens op 27 Juni 1903[voor
notaris B.H. Schultz te Amster-
dam verleden geleende gelden, eene
som van                                                                                 f 6000.-
rente 4¼% verschijndagen 20
Juni en 20 December,
blijkens acte van schuldbekentenis
met hypotheekstelling 27 Juni 1903
voor notaris B.H. Schultz
te Amsterdam verleden.
· Met lopende renten van
voorschreven schulden sinds
de laatste verschijndagen
tot den sterfdag der overledene                                             f 112,19
De begrafeniskosten
der overledene hebben
bedragen                                                                                f 342,50
            totaal passief                                                              f 21454,69
            zuiver saldo                                                                f 33763.-
· dat het hem niet gebleken is, dat de
hiervoor onder het passief vermelde acten
werden opgemaakt om de betaling van
successie-rechten te ontgaan.
en dat de overledene geene goederen
als bezwaarde erfgename of in vruchtge-
bruik bezat en door haar overlijden geen
periodieke uitkeeringen bij opvolging
zijn overgegaan of vervallen.
Doorhalingen op de eerste (└ ) en tweede ([)
bladzijde goedgekeurd evenals de bijvoeging
op de tweede bladzijde der drie woorden
"de erven van."

Bussum 8 September 1904.

w.g. F. Schultze

NB De Ontvanger concludeert dat in totaal een
bedrag van f 3006,30 verschuldigd is.
De nota (aanslag) is verzonden in febr. 1905.
Het bedrag is betaald op 13 juli 1905.

Bron: Noord Hollands Archief Memorie van Successie Kantoor Hilversum 1903 nr. 6/1772 t/m 1905 nr. 6/4620 Reg 4 no 6/3597

Frans noemt het bestaan van een testament. Ook daarin zou nog sprake kunnen zijn van familebetrekkingen. Aanvankelijk dacht ik het testament te kunnen vinden in Bussum, de plaats waar Hendrika woonde. Maar dat bleek niet het geval. Omdat zij een Amsterdamse notaris had ingeschakeld, moest ook daar gezocht worden. En inderdaad, het testament was te vinden in het Amsterdamse Stadsarchief.
Het originele testament bent u hierboven al tegengekomen, de transcriptie ervan staat hieronder.

Testament
Op heden den vijfden Juni negentienhonderddrie
compareerde voor mij Bartholomeus Hendrik Schultz,
notaris te Amsterdam in tegenwoordigheid der na te noemen
getuigen:
Mejuffrouw Hendrika Scheeffer zonder beroep,
weduwe van den heer Gerrit Box, wonende te Amster-
dam aan de Bloemgracht 182
De comparante, mij notaris bekend, verklaarde
genegen te zijn over hare na te laten goederen bij uitersten
wil te beschikken en dienevolgens eerst en vooraf te her-
roepen alle voor deze gemaakte uiterste wilsbe-
schikkingen geen uitgezonderd
.... bij deze opnieuw beschikkende, zoo verklaarde
de testatrice vooreerst vrij van alle rechten en kosten te le-
gateeren aan de wettige kinderen van wijlen haren broe-
der Adolf Stanislaus Scheeffer en bij vóóroverlijden
van een of meer hunner de wettige afstammelingen van
ieder bij plaatsvervulling, en die ontbrekende de langstleven-
den voor het geheel, te samen de som van Tien Dui-
zend gulden in contanten.
Voorts verklaarde de testatrice onder den last tot
uitkeering van voormeld legaat tot haren eenigen erf-
genaam te benoemen haren pleegzoon Frans Schul-
ze zich schrijvende Schultze geboren te Amsterdam
den vierden April achttienhonderd tachtig.
Eindelijk Vorenstaand testatament door de testatrice
aan mij notaris buiten de tegenwoordigheid der getuigen
........ zakelijk opgegeven zijnde, heb ik het doen schrijven
en heeft de testatrice alom alvorens de voorlezing daarvan
is geschied, haren wil nader zakelijk aan mij notaris
in tegenwoordigheid der getuigen opgegeven, waarna
in tegenwoordigheid der getuigen voorenstaande uiterste
wil door mij notaris aan de testatrice is voorgelezen en
na die voorlezing door mij notaris aan de testatrice in
het bijzijn der getuigen is afgevraagd of het voorgele-
zene haar uiterste wil bevat hetwel door haar toe-
stemmend is beantwoord.
Doorgehaald op de eerste bladzijde: een woord in regel
zes en twintig.
Waarvan akte, opgemaakt in minuut, is verleden
te Amsterdam ten .... voormeld in tegenwoordig-
heid der heeren Petrus Christiaan Carstensen
kantoorbediende en Hermanus Albrecht, zon-
der beroep, beiden wonende te Amsterdam
als getuigen.
De voorlezing van alles in deze akte door de comparante
de getuigen en mij notaris onmiddellijk
onderteekend.
W.g. Wed. G. Box Scheeffer
            P.C. Carstensen
            H. Albrecht
            B.H. Schultz Not
Geregistreerd te Amsterdam, den negen en twintigsten Augustus
1900 vier deel 234, folie 111 recto
vak 4; een blad geen renvooi
Ontvangen voor recht drie gulden zestig cent..
f 3,60
            De Ontvanger B.A. No. 2
                                    Heue

U zult gezien hebben dat ook het testament niets onthult over de veronderstelde familiebanden tussen Frans en Hendrika. Integendeel, Frans wordt nadrukkelijk 'pleegzoon' genoemd. De herkomst van Maria blijft dus duister en evenzo waar zij uiteindelijk terecht is gekomen. De zoektocht gaat door!

Frans Schulze (1880-1952)

LinkWithin

Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...